Luyendijk - Dit kan niet waar zijnElke maand houd ik een interview met mijn moeder over een boek dat ze afgelopen maand las. Ze geeft hierbij haar eigen mening en commentaar. Deze week zal het gaan over het boek Dit kan niet waar zijn van Joris Luyendijk.

Welk boek las je deze maand?

Dit kan niet waar zijn van Joris Luyendijk. Ik had van het boek gehoord en er over gelezen en gezien in de krant en op tv, maar kon destijds het verhaal niet helemaal volgen. De dingen die ik erover hoorde waren wel intrigerend dus ik wilde graag meer weten over het boek. Dus kocht ik het uiteindelijk voor de verjaardag van mijn man en kon ik het eindelijk lezen.

Voldeed het boek aan je verwachtingen?

Luyendijk heeft twee a drie jaar werk gehad om de contacten te verwerven die nodig waren om de kennis voor dit boek te kunnen vergaren. Dit deed hij door middel van openstaande stellingen over het bankwezen waar naar zijn hoop mensen die in het bankwezen werkten zouden reageren, waarna hij met deze personen in gesprek kon gaan. De argumentatie in het boek gaat uit van een antropologisch systeem. Hoe werkt een groep? En: Hoe werken groepen samen. Dit werkt in dit boek: het zorgt ervoor dat er een heel interessante theorie ontstaat waarmee zicht wordt gecreëerd op de verhoudingen in een groep en in specifiek het bankwezen.

Je merkt tijdens het lezen dat er van buiten een beeld bestaat over het bankwezen, maar dat je de ongeschreven regels van de groep niet kent. Het boek is heel verhelderend maar ook erg schokkend. Het levert wel perspectief daardoor op. Ik wilde vooral meer weten over waar het boek over zou gaan en dat is natuurlijk gelukt. Maar het bood me daarnaast vooral veel inzicht.

Wat was er zo schokkend aan het boek?

Het meest schokkende was dat de mensen uit het bankwezen schijnbaar totaal geen zelfreflectie hebben. Ze worden aangemoedigd door hun collega’s, buren en kennissen om zoveel mogelijk geld binnen te halen door middel van ondoorzichtige regels. Hierdoor weten ze zelf niet eens meer hoe ze aan het geld komen. Het draait allemaal om hebben, hebben en hebben. Luyendijk stelt dan de vraag: waarom doe je dit? Waarop hij steevast het antwoord krijgt: ‘Mijn buurman doet het ook. Als mijn buurman een tweede huis op de Cariben heeft, drie auto’s en een boot koopt, dan is het normaal dat ik dat ook ga doen.’ Je merkt dat het in het bankwezen alleen maar om hebzucht draait.

Ook was het schokkend dat deze mensen dit moreel te verantwoorden vinden. Ze beargumenteren dit onder het mom dat het hun geld niet is. Als een bank failliet gaat, ofwel zij zijn onverantwoord met het geld omgegaan, dan helpt de regering ze wel met het oplossen van de problemen. Dit is bijvoorbeeld gebeurd bij ABN Ambro. Wat ze ook doen als bank, het maakt niet uit, want ze worden geholpen door de regering zodra het misgaat.

Als laatste blijkt dat het bankwezen is opgebouwd uit allemaal kleine afdelingen die zich bemoeien met hun eigen verantwoordelijkheden in de bank. Ze weten alleen niet van elkaar wat ze doen. Er is geen verbintenis tussen de afdelingen. De afdelingen houden dan ook geen rekening met de consequenties van de handelingen van de verschillende afdelingen. Wat je op het ogenblik bijvoorbeeld ziet gebeuren is dat er veel hoog opgeleiden worden aangenomen door de banken. Mensen die een wiskundige of een natuurkundige achtergrond hebben, zodat ze kansberekingsmodellen kunnen maken op risiciomoddelen op investeringen om zo de grootst mogelijke winst te verkrijgen. Het probleem is: daarvoor dient de bank niet. Dus banken zijn bezig met dingen waar ze zich niet mee bezig zouden moeten houden en zijn alleen maar op de grootst mogelijke winst uit. Wat heel duidelijk is dat ze niet meer de ervaring hebben dat het geld waarmee ze werken hun eigen geld is, dus zij zien het niet als schade als ze geld verliezen. Er is geen gevoel van ‘ik moet mijn best doen, want ik ben persoonlijk afhankelijk van geld’ onder bankiers omdat het geld waarmee ze werken gezien wordt als gemeenschapsgeld. En mocht het misgaan: dan worden de banken toch wel gered door de overheid (= gemeenschap).

En dit hele systeem wordt gecontroleerd door henzelf. Dus houden de banken zichzelf in stand, omdat er geen onafhankelijk controlesysteem bestaat dat ze tot de orde roept als ze te ver gaan. Hierdoor creëren ze onder elkaar een ‘greed’ gevoel, dat ook naar de bankencrisis niet is gestopt.

Geloof je het boek?

Ik denk dat Luyendijk wel een goed beeld geeft van de realiteit. Hij heeft zich heel goed laten informeren door de verschillende lagen van het bankwezen. Quotes als: “Waarom zou je een klant niet naaien als je onder zulke druk staat en weet dat je er juridisch mee wegkomt.”  Zorgen wel voor een zekere overtuiging van de waarheid in het boek. De mentaliteit van deze mensen is niet te bevatten. Dat ze geld verdienen met in nanoseconden beleggen, dat is toch belachelijk. Natuurlijk heb ik mijn kritische kanttekeningen bij het boek. Maar het geeft wel een beeld dat herkenbaar is wanneer je zelf contact hebt met een bank. Zo zegt Luyendijk dat banken de zogezegde ‘nerdy’ mensen aannemen die sociale handicappen hebben maar wel goed kunnen kansrekenen, terwijl je van een bank verwacht dat ze sociaal een meelevend zijn, want ze beheren immers je geld. Het tegenovergestelde gebeurt: mensen worden aangenomen die goed kunnen rekenen en voor de meeste winst zorgen.

Flaptekst Dit kan niet waar zijnWat heb je geleerd van dit boek?

Het bankwezen is net een luchtbel die op knappen staat. Er hoeft maar niks te gebeuren, en het bankwezen knapt. De schuldenlast van Griekenland bijvoorbeeld is bewust verdoezeld, waardoor Griekenland nog meer in de problemen kwam en maar meer kon lenen terwijl ze geen geld meer hadden. Zonder dat de banken dit hadden verdoezeld waren de Grieken al veel eerder failliet gegaan.

Wat is je algehele conclusie rondom dit boek?

Mensen moeten goed nadenken over wat voor financiële diensten ze afnemen. En dat het misschien wel verstandiger om het geld weer in de eigen sok te doen. Want ook na het vallen van de banken is er nog van alles mis in het bankwezen.

Hoeveel sterren geef je dit boek?

****

Voor dit boek moet je wel even gaan zitten. Je leest dit niet zomaar. Je moet er ook eerst inkomen, helemaal als je er niet in thuis bent. Maar het is een boek dat tot gespreksstof leidt en tot nadenken. En als je dat kan bereiken als schrijver dan ben je goed bezig.

Lees ook het interview met Mem over Mason Cross van vorige maand!

2 reacties:

  1. Wat een leuk idee om je moeder te interviewen over een boek dat ze las! Ik heb zelf nog maar een stukje gelezen van ‘Dit kan niet waar zijn’, maar ik vind het inderdaad heel schokkend dat dit de realiteit is.. Ik kan niet wachten om het boek uit te lezen!

    • Ik praat altijd veel met mijn moeder over boeken, maar ze leest totaal andere boeken dan dat ik doe. Dus dit zorgt voor wat variatie in de genres die ik bespreek. En ik ben op dit moment ook helemaal geïntrigeerd door het boek! Straks maar van mijn moeder lenen 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *